ECLI:NL:GHAMS:2000:AA9225
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Onnes
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Beoordeling fiscale aftrekbaarheid lasten werknemersopties bij dochtervennootschap
In deze zaak stond centraal of de dochtervennootschap X BV een hogere last dan ƒ 57.753 kon aftrekken voor de in 1995 door moedermaatschappij Y NV aan haar werknemers toegekende aandelenopties. Y NV had aan werknemers van X BV opties toegekend met een uitoefenprijs gelijk aan de beurskoers op het moment van toekenning. De inspecteur had de aftrek beperkt tot het bedrag dat als loon bij de werknemers was belast.
Belanghebbende stelde dat zij een hogere last kon aftrekken, gebaseerd op de waardestijging van de opties volgens het Black & Scholes-model en een doorbelastingsovereenkomst met Y NV. Het hof oordeelde dat de fiscale wetgeving, met name artikel 9 lid 1 onderdeel Pro i van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969, het aftrekbare bedrag beperkt tot het loonbedrag dat bij de werknemers in aanmerking is genomen.
Het hof benadrukte dat de waardeverandering van de optierechten zich in de kapitaalsfeer afspeelt en niet tot een hogere last bij de dochtervennootschap leidt. Ook het ontbreken van een doorbelastingsovereenkomst deed hieraan niet af. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard. De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof Amsterdam op 24 oktober 2000.
Uitkomst: Het beroep van X BV wordt ongegrond verklaard en de aftrek wordt beperkt tot het bedrag dat als loon bij de werknemers is belast.