Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2026:470

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
8 april 2026
Publicatiedatum
20 april 2026
Zaaknummer
24/1779 AOW-V
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep in AOW-uitkeringszaak ongegrond verklaard

Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam inzake haar AOW-uitkering, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift niet tijdig was ingediend. Vervolgens stelde appellante verzet in tegen deze niet-ontvankelijkverklaring.

Tijdens de zitting van 23 maart 2026, waar partijen niet verschenen, stelde appellante dat zij reeds een ANW-nabestaandenuitkering ontving en dat haar aanvraag voor AOW-uitkering was afgewezen. Zij gaf aan in financiële moeilijkheden te verkeren en geld nodig te hebben voor medische behandelingen, gezinsonderhoud en het aflossen van leningen.

De Raad oordeelde echter dat appellante in haar verzet geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die het eerdere oordeel over haar verzuim konden weerleggen. Daarom werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 8 april 2026 in het openbaar gedaan door R.W.L. Koopmans, in aanwezigheid van griffier D. Semiz.

Uitkomst: Het verzet van appellante tegen de niet-ontvankelijkverklaring van haar hoger beroep wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
24/1779 AOW-V
Uitspraak op het verzet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 13 juli 2023, 21/5124 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellante] te Marokko (appellante)
de Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank (Svb)
Datum uitspraak: 8 april 2026

PROCESVERLOOP

In de uitspraak van 15 augustus 2025 heeft de Raad het door appellante ingestelde hoger beroep tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard omdat het beroepschrift niet tijdig is ingediend.
Appellante heeft verzet gedaan.
Het verzet is 23 maart 2026 ter zitting behandeld. Partijen zijn niet ter zitting verschenen.

OVERWEGINGEN

In verzet stelt appellante dat zij reeds een ANW-nabestaandenuitkering heeft toegekend en dat haar aanvraag voor AOW-uitkering is afgewezen. Appellante stelt dat zij zich in een moeilijke financiële situatie verkeerd. Zij heeft geld nodig voor medische behandelingen, om haar gezin te onderhouden en haar leningen af te lossen.
De Raad is van oordeel dat appellante in verzet geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat zij niet in verzuim is geweest.
Dit betekent dat het verzet ongegrond wordt verklaard.
Voor een proceskostenveroordeling van het verzet is geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door R.W.L. Koopmans, in tegenwoordigheid van D. Semiz als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 8 april 2026.
(getekend) R.W.L. Koopmans
(getekend) D. Semiz