ECLI:NL:CRVB:2025:587
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens verdiencapaciteit boven 65% van laatstverdiende loon bevestigd
Appellante werkte als apothekersassistente en meldde zich ziek met psychische en lichamelijke klachten. Het UWV kende haar een ZW-uitkering toe, maar beëindigde deze per 27 augustus 2022 omdat zij volgens medische en arbeidskundige beoordelingen meer dan 65% van haar laatstverdiende loon kan verdienen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat de medische en arbeidskundige rapporten voldoende onderbouwd waren en appellante geen nieuwe medische informatie aanleverde die tot andere beperkingen zou leiden. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar beperkingen ernstiger waren en dat zij door medicatie en slechte nachtrust niet in staat was de geselecteerde functies te verrichten.
De Raad oordeelde dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep de beperkingen zorgvuldig had vastgesteld en dat de arbeidskundige beoordeling de geschiktheid van de functies voldoende motiveerde. Het hoger beroep werd verworpen, waarmee de beëindiging van de ZW-uitkering gehandhaafd bleef.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de ZW-uitkering omdat appellante meer dan 65% van haar loon kan verdienen.