ECLI:NL:CRVB:2025:559
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft een WIA-uitkering aangevraagd na ziekmelding wegens fysieke en psychische klachten. Het UWV stelde vast dat appellant 29,09% arbeidsongeschikt is en wees de uitkering af omdat dit onder de 35% grens ligt. Na bezwaar en beroep bevestigde het UWV dit besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat het medisch en arbeidskundig onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn combinatie van fysieke en mentale klachten leidde tot geen benutbare mogelijkheden en dat het UWV zijn beperkingen onderschatte. Hij verzocht om benoeming van een onafhankelijke deskundige op grond van het equality of arms-beginsel. De Raad concludeerde dat de medische beoordeling juist was, mede omdat de bedrijfsartsinformatie betrekking had op een latere periode dan de datum van het besluit en geen nieuwe feiten bevatte.
De Raad oordeelde dat het UWV voldoende had gemotiveerd dat de geselecteerde functies passend zijn en dat er geen reden was om het bestreden besluit te wijzigen. Het hoger beroep werd verworpen, de weigering van de WIA-uitkering gehandhaafd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt is.