ECLI:NL:CRVB:2025:504
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van een eerdere uitspraak van 25 oktober 2024. De Raad heeft verzoeker bij brief van 22 november 2024 en opnieuw bij aangetekende brief van 23 december 2024 gewezen op de verplichting tot betaling van een griffierecht van €138,- binnen een gestelde termijn.
Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet tijdig voldaan. De Raad oordeelt op basis van de beschikbare gegevens dat verzoeker in verzuim is en verklaart het verzoek om herziening daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, in aanwezigheid van griffier N. Phetkhoowiang, en uitgesproken in het openbaar op 2 april 2025. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden aangetekend.
Uitkomst: Verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.