ECLI:NL:CRVB:2025:1855
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering WIA-uitkering en toekenning WGA-uitkering met 72,73% arbeidsongeschiktheid
Appellant, werkzaam als chauffeur/assistent loods, viel op 2 augustus 2021 uit wegens psychische klachten. Na een periode van Ziektewet-uitkering werd deze beëindigd, maar na bezwaar voortgezet. Het UWV weigerde op 25 juli 2023 een WIA-uitkering toe te kennen omdat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn. Het bezwaar werd op 22 november 2023 ongegrond verklaard, waarbij medische rapporten en een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) als basis dienden.
De rechtbank Limburg verklaarde het beroep van appellant tegen dit besluit eveneens ongegrond, oordelend dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld. Appellant voerde aan dat het UWV zijn slaap-, eet- en psychische problematiek onderschatte. Na nadere stukken nam het UWV op 7 maart 2025 een gewijzigd besluit waarin het bezwaar gegrond werd verklaard en appellant alsnog een WGA-uitkering werd toegekend met een arbeidsongeschiktheid van 72,73%.
De Centrale Raad van Beroep vernietigt het besluit van 22 november 2023 en de uitspraak van de rechtbank, verklaart het hoger beroep gegrond en wijst het verzoek om schadevergoeding af wegens onvoldoende onderbouwing. Het UWV wordt verplicht het betaalde griffierecht te vergoeden. Het gewijzigde besluit van 7 maart 2025 behoeft geen inhoudelijke beoordeling omdat appellant zich daarin kan vinden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en appellant krijgt een WGA-uitkering toegekend met 72,73% arbeidsongeschiktheid.