ECLI:NL:CRVB:2025:1816
Centrale Raad van Beroep
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Toekenning van WGA-vervolguitkering en beoordeling van arbeidsongeschiktheid
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep op 4 december 2025 uitspraak gedaan in hoger beroep over de toekenning van een WGA-vervolguitkering aan appellante, die zich had ziekgemeld vanwege gezondheidsklachten. De Raad beoordeelt of het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv) de WGA-vervolguitkering van appellante per 27 juni 2023 terecht heeft vastgesteld op basis van een arbeidsongeschiktheidsklasse van 35 tot 45%. Appellante betwist de juistheid van de medische beoordeling en stelt dat zij meer beperkingen heeft dan het Uwv heeft aangenomen. De Raad oordeelt dat er geen aanknopingspunten zijn voor twijfel aan de medische beoordeling door de verzekeringsarts bezwaar en beroep. De Raad bevestigt dat het Uwv de WGA-vervolguitkering correct heeft vastgesteld op basis van de geschiktheid van de geselecteerde functies en de mate van arbeidsongeschiktheid van 39,91%. De Raad veroordeelt het Uwv in de proceskosten van appellante en bepaalt dat het Uwv het griffierecht aan appellante vergoedt.