ECLI:NL:CRVB:2025:1809
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Beoordeling mate arbeidsongeschiktheid en toekenning WIA-uitkering met 52,04% arbeidsongeschiktheid
Appellante, voormalig senior buyer, werd per 22 juli 2022 door het UWV arbeidsongeschikt verklaard met een percentage van 52,04%. Zij betwistte dit en stelde dat zij meer beperkingen heeft, waardoor zij niet geschikt zou zijn voor de geselecteerde functies. Het UWV baseerde haar besluit op medisch en arbeidskundig onderzoek, waarbij een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) werd opgesteld. De rechtbank Rotterdam verklaarde het bezwaar van appellante ongegrond en bevestigde het besluit van het UWV.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat het UWV onjuist het criterium voor beoordeling van wisselende belastbaarheid hanteerde en dat er ten onrechte geen fysiek onderzoek plaatsvond. Ook stelde zij dat haar psychische klachten onvoldoende werden meegewogen en dat de geselecteerde functies niet passend waren vanwege beeldschermwerk. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV voldoende gemotiveerd had gehandeld, het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de FML van 12 januari 2024 een juiste weergave van haar beperkingen bevatte.
Verder wees de Raad het verzoek van appellante af om de IVA-uitkering met terugwerkende kracht toe te kennen vanaf 22 juli 2022, omdat de verslechtering van haar gezondheid en de psychische klachten pas vanaf oktober 2023 waren gemeld. Er was geen aanleiding voor benoeming van een deskundige. Het hoger beroep werd verworpen, de uitspraak van de rechtbank bevestigd en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De mate van arbeidsongeschiktheid van 52,04% per 22 juli 2022 wordt bevestigd en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.