ECLI:NL:CRVB:2024:782
Centrale Raad van Beroep
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens gewijzigde beslissing UWV
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen beslissingen van het UWV inzake WIA- en Ziektewet-uitkeringen. Het UWV nam op 9 oktober 2023 een gewijzigde beslissing op bezwaar waarbij aan appellante een IVA-uitkering werd toegekend, waardoor zij gedeeltelijk aan haar verzoek tegemoetkwam. Hierop trok appellante het hoger beroep in en verzocht de Raad om het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Raad stelde vast dat de gewijzigde beslissing op bezwaar betrekking had op meerdere zaken, waarvan sommige niet waren gewijzigd. Voor de zaken waarbij het UWV tegemoet was gekomen, had het UWV reeds de kosten in de bezwaarfase vergoed. De Raad beoordeelde daarom alleen de in beroep en hoger beroep gemaakte kosten.
De Raad kwalificeerde de zaken als samenhangend voor de berekening van de proceskosten en bepaalde de vergoeding op in totaal €3.937,50, inclusief vergoeding van betaalde griffierechten. De beslissing werd uitgesproken door M. Schoneveld op 18 april 2024.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante in beroep en hoger beroep en tot vergoeding van griffierechten.