ECLI:NL:CRVB:2024:685
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenveroordeling bij intrekking hoger beroep WIA
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag over de vaststelling van zijn arbeidsongeschiktheidspercentage volgens de WIA. Na een nieuw besluit van het UWV waarin het arbeidsongeschiktheidspercentage werd verlaagd en de loonaanvullingsuitkering werd ingetrokken, trok appellant het hoger beroep in en verzocht om proceskostenveroordeling van het UWV.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat het besluit van 22 januari 2024 waarop appellant zich beroept, betrekking heeft op een andere datum dan het besluit dat onderwerp was van de aangevallen uitspraak. Hierdoor is niet voldaan aan de voorwaarde dat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk is tegemoetgekomen in de zin van artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Algemene wet bestuursrecht.
Daarom werd het verzoek om proceskostenveroordeling afgewezen. Het onderzoek vond plaats zonder zitting en de beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 4 april 2024 door rechter F.M. Rijnbeek in aanwezigheid van griffier E.X.R. Yi.
Uitkomst: Het verzoek om proceskostenveroordeling wordt afgewezen omdat het bestuursorgaan niet is tegemoetgekomen in de zin van artikel 8:75a Awb.