ECLI:NL:CRVB:2024:651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting op AOW-pensioen wegens 42 niet-verzekerde jaren
Appellant heeft beroep en hoger beroep ingesteld tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) waarin een ouderdomspensioen is toegekend met een korting van 84% wegens 42 niet-verzekerde jaren. De Svb heeft vastgesteld dat appellant verzekerd was van 24 september 1991 tot 3 oktober 1991 en van 15 maart 1992 tot 31 december 1999. De rechtbank Amsterdam heeft het beroep ongegrond verklaard en het besluit in stand gelaten.
Appellant vertrok in 1994 uit Nederland en woonde sindsdien in Marokko met behoud van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering. Vanaf 1 januari 2000 was hij niet meer verzekerd voor de AOW vanwege deze uitkering. De rechtbank heeft vastgesteld dat er geen bewijs is voor verzekeringsperioden vóór 15 maart 1992 en dat de Svb geen andere verzekeringsperioden kon vaststellen dan de genoemde.
Appellant heeft geen aanvullende gegevens overgelegd waaruit blijkt dat het aantal verzekerde jaren onjuist is. Zijn persoonlijke en financiële omstandigheden kunnen geen aanleiding geven tot een hoger pensioen. De Centrale Raad onderschrijft de motivering van de rechtbank en bevestigt het bestreden besluit.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de korting van 84% op het AOW-pensioen wegens 42 niet-verzekerde jaren.