Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:CRVB:2024:632

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
29 maart 2024
Publicatiedatum
2 april 2024
Zaaknummer
22/3392 AOW-V
Instantie
Centrale Raad van Beroep
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Verzet
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 8:57 AwbArt. 8:108 AwbArt. 8:113 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd in verzet tegen uitspraak hoger beroep AOW

Appellant heeft verzet aangetekend tegen de uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 10 november 2023, waarin het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant werd bevestigd.

De Raad heeft appellant bij brief geïnformeerd dat tegen deze uitspraak geen verzet mogelijk is, omdat het geen uitspraak betreft als bedoeld in artikel 8:54, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Appellant heeft het verzet desondanks gehandhaafd.

De Raad heeft vervolgens op grond van artikel 8:57, tweede lid, Awb, in verbinding met artikel 8:108, eerste lid, Awb, het nader onderzoek achterwege gelaten en het onderzoek gesloten.

De Centrale Raad van Beroep overweegt dat de wet geen mogelijkheid biedt tot verzet tegen deze uitspraak en verklaart zich daarom onbevoegd. Een verzoek om een prejudiciële vraag te stellen wordt niet behandeld. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd om het verzet tegen haar uitspraak te behandelen.

Uitspraak

Datum uitspraak: 29 maart 2024
22/3392 AOW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak op het verzet als bedoeld in de artikelen 8:55, zevende lid, en 8:108, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 28 september 2022, 21/5403 (aangevallen uitspraak)
Partijen
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)
PROCESVERLOOP
Naar aanleiding van het door appellant ingestelde hoger beroep, heeft de Raad bij uitspraak van 10 november 2023, 22/3392 AOW, de uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant van 28 september 2022, 21/5403, bevestigd.
Tegen deze uitspraak van de Raad heeft appellant een verzetschrift ingediend.
Bij brief van 12 januari 2024 heeft de griffier van de Raad appellant meegedeeld dat tegen de uitspraak geen verzet mogelijk is omdat het geen uitspraak is als bedoeld in artikel 8:54, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Appellant is verzocht te laten weten of hij het verzetschrift handhaaft. Daarop heeft appellant – met zoveel woorden – laten weten dat hij het gedane verzet handhaaft.
Met toepassing van artikel 8:57, tweede lid, aanhef en onder c, van de Awb, gelezen in verbinding met artikel 8:108, eerste lid, van de Awb, is een nader onderzoek ter zitting achterwege gelaten, waarna het onderzoek is gesloten.

OVERWEGINGEN

1. Appellant heeft een verzetschrift ingediend tegen de vermelde uitspraak van 10 november 2023. Dit betreft een uitspraak als bedoeld in artikel 8:113, eerste lid, van de Awb. Het betreft geen uitspraak als bedoeld in artikel 8:54, tweede lid, van de Awb waartegen een belanghebbende verzet kan doen op grond van artikel 8:55, eerste lid, van de Awb.
2. De Raad stelt vast dat artikel 8:55, eerste lid, van de Awb noch enig ander wettelijk voorschrift de mogelijkheid biedt verzet te doen tegen een uitspraak als hier aan de orde. Dat wat appellant heeft aangevoerd, kan hier niet aan afdoen.
3. Dit betekent dat de Raad zich onbevoegd zal verklaren. Aan het verzoek om een prejudiciële vraag te stellen in de zin van artikel 267 van Pro het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie komt de Raad om die reden niet toe.
4. Voor een proceskostenveroordeling ziet de Raad geen aanleiding.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd.
Deze uitspraak is gedaan door Y. Sneevliet, in tegenwoordigheid van P.W.J. Hospel als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 29 maart 2024.
(getekend) Y. Sneevliet
(getekend) P.W.J. Hospel