ECLI:NL:CRVB:2024:2212
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. van Gijzen
- M.A.H. van Dalenvan Bekkum
- J.H. Ermers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens overlijden appellant zonder opvolging door erfgenamen
Appellant is op 5 juni 2023 overleden tijdens de procedure bij de Centrale Raad van Beroep over een zaak inzake de Wet langdurige zorg (WLZ).
Namens appellant had zijn broer hoger beroep ingesteld, maar na het overlijden is geen opvolging door erfgenamen gebleken. De Raad heeft meerdere pogingen gedaan om erfgenamen te bereiken en hen de mogelijkheid te bieden het geding voort te zetten, onder meer via een aankondiging in de Staatscourant en uitnodigingen per post.
Op de zitting van 11 oktober 2024 verschenen geen erfgenamen, terwijl het CAK wel vertegenwoordigd was. Gezien het ontbreken van een procesbelang verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het overlijden van appellant zonder opvolging door erfgenamen.