ECLI:NL:CRVB:2024:1999
Centrale Raad van Beroep
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming UWV
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV omtrent haar WIA-uitkering. Bij brief heeft zij het hoger beroep ingetrokken nadat het UWV geheel aan haar bezwaren tegemoet was gekomen met een gewijzigde beslissing die recht op een IVA-uitkering vanaf 18 mei 2018 vaststelde.
De Raad heeft op grond van artikel 8:75a Awb en artikel 8:108 Awb Pro het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met het hoger beroep. Dit betreft een bedrag van € 2.839,-, inclusief kosten voor het arbeidsdeskundig rapport en het betaalde griffierecht.
Het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten omdat het hoger beroep was ingetrokken en het UWV geen verweerschrift heeft ingediend. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 oktober 2024.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van € 2.839,- aan proceskosten en € 136,- griffierecht aan appellante.