ECLI:NL:CRVB:2024:1859
Centrale Raad van Beroep
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij afwijzing bijstandsaanvraag wegens rechtmatigheidsonderzoek
Verzoeker, die sinds 2000 bijstand ontvangt en tevens een volledig ouderdomspensioen ontvangt, heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de afwijzing van zijn tweede aanvraag om bijstand door het college van burgemeester en wethouders van De Fryske Marren. Het college had de bijstand ingetrokken en teruggevorderd wegens het verrichten van niet gemelde juridische werkzaamheden voor derden, wat leidde tot een rechtmatigheidsonderzoek en meerdere bestreden besluiten.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beperkt tot de zaak die connex is aan het hoger beroep tegen de afwijzing van de tweede aanvraag. De voorzieningenrechter oordeelt dat geen onverwijlde spoed bestaat voor het treffen van een voorlopige voorziening, mede omdat verzoeker inmiddels een volledig ouderdomspensioen ontvangt en de invordering van de schuld is opgeschort. Tevens is het niet mogelijk om in deze procedure al een oordeel te geven over de hoofdzaak.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door O.L.H.W.I. Korte op 12 september 2024.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.