ECLI:NL:CRVB:2024:1406
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep het verzet behandeld dat was ingesteld tegen de eerdere niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep van appellante. Het hogerberoepschrift was ingediend na het verstrijken van de wettelijke termijn van zes weken na verzending van het proces verbaal van de mondelinge uitspraak.
Appellante voerde aan dat problemen met de postbezorging bij haar gemachtigde de late ontvangst van de uitspraak veroorzaakten, waardoor het hogerberoepschrift niet tijdig kon worden ingediend. De Raad constateerde echter dat de uitspraak aangetekend was verzonden en dat er tweemaal geprobeerd was deze te bezorgen, maar dat de termijn voor het instellen van hoger beroep begint te lopen vanaf de datum van verzending, niet ontvangst.
De Raad oordeelde dat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar is, mede omdat van een professioneel gemachtigde verwacht mag worden dat hij bekend is met de wettelijke regels omtrent termijnen. Het verzet werd daarom ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard vanwege overschrijding van de termijn voor het indienen van het hogerberoepschrift.