ECLI:NL:CRVB:2024:121
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
Verzoeker heeft op 10 februari 2023 een verzoek om herziening ingediend tegen een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 26 januari 2023. De Raad heeft verzoeker bij brief van 4 april 2023 en aangetekende brief van 5 mei 2023 gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €136,- binnen respectievelijk 28 dagen en vier weken na verzending van de brieven.
Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet binnen de gestelde termijn voldaan. Op grond van de beschikbare gegevens kan niet worden geoordeeld dat verzoeker niet in verzuim is geweest. Daarom is het verzoek om herziening kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere inhoudelijke behandeling.
De Raad ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door D. Hardonk-Prins, in aanwezigheid van griffier A. Giesen, en uitgesproken op 17 januari 2024. Tegen deze uitspraak staat binnen zes weken verzet open bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig betalen van het griffierecht.