ECLI:NL:CRVB:2024:12
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellant, laatstelijk werkzaam als logistiek medewerker, meldde zich ziek met lichamelijke klachten en vroeg een WIA-uitkering aan. Het UWV stelde op basis van een verzekeringsgeneeskundig onderzoek en een arbeidskundig rapport vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was en weigerde de uitkering toe te kennen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij zij het verzekeringsgeneeskundig onderzoek als zorgvuldig beoordeelde en de beperkingen zoals vastgelegd in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) als juist aannam. Appellant stelde in hoger beroep dat het onderzoek onzorgvuldig was en dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn klachten, onder meer vanwege het ontbreken van nadere informatie van een chiropractor.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het standpunt van appellant dat de informatie van Atlas Gezondheid niet relevant is, juist is en dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig heeft plaatsgevonden. De medische beperkingen zijn adequaat vastgesteld en de arbeidsdeskundige heeft de geselecteerde functies passend gemotiveerd. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.