ECLI:NL:CRVB:2023:989
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging korting op AOW-pensioen wegens niet-verzekerde jaren
Appellant, geboren in 1953, werkte en woonde vanaf 1974 in Nederland, maar remigreerde in 1991 naar Spanje met behoud van WAO-uitkering. De Sociale verzekeringsbank (Svb) kende hem een AOW-pensioen toe met een korting van 48%, omdat hij afgerond 24 jaar niet verzekerd was voor de AOW. Deze niet-verzekerde periode betrof de jaren voor 1974 en de periode vanaf 2000 tot aan de pensioendatum.
Appellant maakte bezwaar tegen de korting en voerde aan dat hij volledig arbeidsongeschikt is en dat hij recht zou moeten hebben op een hoger pensioen vanwege ingehouden belastingen en bijdragen op zijn WAO-uitkering. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de korting.
In hoger beroep oordeelde de Raad dat de korting terecht is toegepast omdat de AOW een opbouwverzekering is waarbij alleen verzekerde jaren meetellen. Het feit dat appellant belasting en zorgbijdragen betaalde op zijn WAO-uitkering leidt niet tot meer verzekerde jaren. Persoonlijke omstandigheden van appellant kunnen niet leiden tot een hoger pensioen.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht wordt niet terugbetaald.
Uitkomst: De korting van 48% op het AOW-pensioen van appellant is terecht toegepast vanwege 24 niet-verzekerde jaren.