ECLI:NL:CRVB:2023:965
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ziekengeld wegens geschiktheid voor maatgevende arbeid bevestigd
Appellant was werkzaam als agendabeheerder en callcentermedewerker tot zijn dienstverband eindigde op 31 december 2015. Na diverse periodes van ziekte en het ontvangen van WW- en Ziektewetuitkeringen, heeft het UWV op 13 september 2018 besloten het ziekengeld te beëindigen omdat appellant geschikt werd geacht voor zijn laatst verrichte arbeid.
Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, maar het UWV verklaarde dit ongegrond. De rechtbank benoemde een verzekeringsarts als deskundige die oordeelde dat appellant weliswaar diverse aandoeningen heeft, maar dat zijn belastbaarheid niet wordt overschreden door de maatgevende arbeid. De rechtbank volgde dit oordeel en wees het beroep af.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunt over zijn arbeidsongeschiktheid en klachten, maar leverde geen nieuwe medische informatie die het eerdere oordeel zou kunnen weerleggen. De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank en de deskundige en bevestigde de beëindiging van het ziekengeld per 17 september 2018.
De Raad zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en sprak de beslissing uit in het openbaar op 17 mei 2023.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het ziekengeld per 17 september 2018 wordt bevestigd.