Uitspraak
23.244 WLZ-PV
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om herziening af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft een verzoek om herziening van een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 28 mei 2021, waarin een besluit van de Sociale verzekeringsbank (Svb) werd bevestigd dat verzoeker per 7 november 2016 verzekerd was voor de Wet langdurige zorg.
Verzoeker had tegen deze uitspraak een verzoek om herziening ingediend bij de rechtbank Den Haag, die zich echter onbevoegd verklaarde en de zaak terug verwees naar de Raad. Verzoeker stelde hoger beroep in tegen deze onbevoegdverklaring en wilde dat zijn argumenten inhoudelijk werden beoordeeld.
De Raad oordeelde dat de rechtbank terecht onbevoegd was, omdat een verzoek om herziening van een uitspraak van de Raad bij de Raad zelf moet worden ingediend. De Raad nam het verzoek om herziening in behandeling.
Verzoeker bracht medische gegevens in en verwees naar een navordering van het CAK, maar de Raad stelde dat het bijzondere rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de uitspraak. Er waren geen nieuwe feiten of omstandigheden die voldeden aan de cumulatieve voorwaarden van artikel 8:119 Awb Pro, waardoor herziening mogelijk zou zijn.
Daarom wees de Raad het verzoek om herziening af en bevestigde de eerdere uitspraak.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.