ECLI:NL:CRVB:2023:2460
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht en ontbreken beroepsgronden
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. De Centrale Raad van Beroep heeft vastgesteld dat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn is voldaan, ondanks meerdere aanmaningen per brief en aangetekende brief. Daarnaast bevatte het beroepschrift geen gronden, terwijl appellant meerdere malen in de gelegenheid is gesteld deze alsnog in te dienen binnen een redelijke termijn.
Omdat appellant zowel het griffierecht niet betaalde als de beroepsgronden niet aanleverde, is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen inhoudelijke behandeling van het beroep plaatsgevonden. De Raad heeft geen aanleiding gezien om een proceskostenveroordeling op te leggen.
De uitspraak is gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, met griffier M.D.F. de Moor, en uitgesproken in het openbaar op 13 december 2023. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken verzet worden aangetekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht en ontbreken van beroepsgronden.