Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
Samenvatting
Inleiding
Het oordeel van de voorzieningenrechter
Conclusie en gevolgen
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Centrale Raad van Beroep
Verzoekster, met een mobiliteitsbeperking, kreeg in 2009 een scootmobiel toegekend op grond van de Wmo. In 2019 werd deze scootmobiel afgekeurd vanwege technische gebreken, waarna het college besloot een nieuwe scootmobiel toe te kennen met een eigen bijdrage. Verzoekster maakte bezwaar tegen de bijdrage en nam de nieuwe scootmobiel niet in gebruik.
De rechtbank verklaarde het beroep van verzoekster ongegrond, waarna zij hoger beroep instelde en tevens een voorlopige voorziening verzocht. De voorzieningenrechter oordeelde dat het college terecht een eigen bijdrage oplegt zolang gebruik wordt gemaakt van de voorziening, tot maximaal de kostprijs van de scootmobiel. De bijdrage is niet gekoppeld aan eerdere bijdragen voor de oude scootmobiel.
Verzoekster voerde ook aan dat de kostprijs te hoog is vastgesteld omdat het college ook beheer- en servicekosten meerekent. De voorzieningenrechter stelde dat dit conform de regelgeving is, waarin onderhoud en verzekering bij de kostprijs mogen worden betrokken.
Het hoger beroep werd afgewezen, de aangevallen uitspraak bevestigd en het verzoek om een voorlopige voorziening geweigerd. Verzoekster krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: De eigen bijdrage voor de nieuwe scootmobiel inclusief beheer- en servicekosten is terecht opgelegd en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.