Uitspraak
OVERWEGINGEN
Samenvatting
Inleiding
.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, een voormalig beroepsmilitair die tijdens een oefening een duikongeval kreeg, verzocht om vergoeding van de kosten voor een elektrische fiets. De staatssecretaris kende slechts een maximale vergoeding toe voor de meerkosten van een aangepaste fiets, niet voor de volledige aanschaf van een elektrische fiets. Appellant maakte bezwaar en stelde beroep in tegen het besluit, maar de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep het oordeel van de rechtbank. De Raad overwoog dat de medische indicatie van appellant enkel betrekking heeft op het aanpassen van een standaardfiets naar een elektrische fiets. Volgens de Voorzieningenregeling is een elektrische fiets een algemeen gebruikelijk middel, en een volledige vergoeding is alleen mogelijk voor personen met een medische indicatie voor een scootmobiel.
De Raad concludeerde dat appellant niet voldoet aan de voorwaarden voor een volledige vergoeding, omdat hij niet is aangewezen op een scootmobiel. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding en het betaalde griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van volledige vergoeding voor de elektrische fiets bevestigd.