ECLI:NL:CRVB:2023:1036
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht WIA-zaak
In deze zaak heeft appellante hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Midden-Nederland inzake een WIA-zaak. De gemachtigde van appellante is meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €136,- binnen de gestelde termijnen.
Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet tijdig voldaan. De Centrale Raad van Beroep oordeelt op basis van de beschikbare gegevens dat appellante in verzuim is geweest met de betaling. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter F.M. Rijnbeek in aanwezigheid van griffier J.M. Labage en is openbaar uitgesproken op 2 juni 2023. Tegen deze uitspraak staat verzet open binnen zes weken.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.