ECLI:NL:CRVB:2022:577
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep wegens nadere besluitvorming UWV en proceskostenveroordeling
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland inzake een WIA-zaak. Tijdens de procedure nam het UWV een gewijzigde beslissing op bezwaar, waardoor het procesbelang van appellante kwam te vervallen. Hierdoor trok appellante het hoger beroep in.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan de indiener van het beroepschrift, op verzoek kan worden veroordeeld in de proceskosten. Het UWV stemde in met vergoeding van de gemaakte proceskosten.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van een bedrag van € 3.036,- aan proceskosten, bestaande uit kosten voor zowel de beroepsprocedure als het hoger beroep. Voor kosten in een latere bezwaarprocedure werd geen vergoeding toegekend omdat die beslissing nog niet voorlag. Appellante kan het betaalde griffierecht rechtstreeks bij het UWV verhalen.
Uitkomst: Het hoger beroep is ingetrokken wegens het ontbreken van procesbelang en het UWV is veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 3.036,- aan appellante.