ECLI:NL:CRVB:2022:2759
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning loongerelateerde WGA-uitkering bij 44,77% arbeidsongeschiktheid
Appellant was werkzaam als orderpicker-productiemedewerker en meldde zich ziek met lichamelijke klachten. Het UWV stelde op basis van een verzekeringsgeneeskundig en arbeidskundig onderzoek een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) vast en kende appellant een loongerelateerde WGA-uitkering toe met een arbeidsongeschiktheid van 44,77% per 19 september 2019.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij zij oordeelde dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig was en de beperkingen juist waren vastgesteld. Appellant voerde in hoger beroep aan dat het onderzoek onvoldoende diepgaand was en dat zijn beperkingen, mede door het restless legs syndroom en medicatiegebruik, waren onderschat. Tevens stelde hij dat de geselecteerde functies te zwaar waren.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, dat de beperkingen adequaat waren vastgesteld en dat de geselecteerde functies passend waren. De aanvullende medische stukken van appellant boden geen aanleiding tot twijfel aan de eerdere beoordeling. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de mate van arbeidsongeschiktheid van 44,77% bevestigd.