ECLI:NL:CRVB:2022:2655
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV en veroordeling in proceskosten
Appellant stelde hoger beroep in tegen een beslissing van het UWV. Het UWV nam op 2 juni 2022 een gewijzigde beslissing op bezwaar waarin het volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant op 27 juni 2022 het hoger beroep in en verzocht de Centrale Raad van Beroep het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Raad stelde vast dat op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming aan bezwaren in de kosten kan worden veroordeeld. Het UWV maakte geen bezwaar tegen de proceskostenvergoeding.
De Raad veroordeelde het UWV in de proceskosten van appellant, begroot op in totaal € 2.277,- voor verleende rechtsbijstand in beroep en hoger beroep. Vergoeding van griffierecht dient appellant rechtstreeks bij het UWV te verzoeken.
De uitspraak werd gedaan door S.B. Smit-Colenbrander, in aanwezigheid van griffier H. Alajai, op 7 december 2022.
Uitkomst: Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van € 2.277,- aan proceskosten aan appellant na intrekking van het hoger beroep.