ECLI:NL:CRVB:2022:2340
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering duurzame arbeidsongeschiktheid en IVA-uitkering
Appellante is volledig arbeidsongeschikt verklaard en ontvangt een loongerelateerde WGA-uitkering. Het Uwv heeft vastgesteld dat haar arbeidsongeschiktheid niet duurzaam is, waardoor geen recht bestaat op een IVA-uitkering. Dit besluit is door de rechtbank Rotterdam bevestigd.
In hoger beroep betoogt appellante dat haar arbeidsongeschiktheid wel duurzaam is, mede vanwege haar medische situatie en familiegeschiedenis. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat het Uwv deugdelijk heeft gemotiveerd dat herstelmogelijkheden niet zijn uitgesloten binnen een jaar of later, gebaseerd op een rapport van een verzekeringsarts en het verzekeringsgeneeskundig protocol.
De Raad benadrukt dat de beoordeling van duurzaamheid moet worden gemaakt op de datum van de beslissing en dat latere ontwikkelingen niet tot een ander oordeel leiden. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van een duurzame arbeidsongeschiktheid en IVA-uitkering bevestigd.