ECLI:NL:CRVB:2022:1906
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek beperking kennisneming memo thematisch onderzoek grensoverschrijdend vermogen
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. In het kader van dit hoger beroep verzocht de Raad het college van burgemeester en wethouders van Gouda om een memo van 15 januari 2016 zonder doorhalingen te verstrekken. Het college vroeg vervolgens om beperking van kennisneming van deze memo vanwege vertrouwelijke bedrijfsinformatie en persoonlijke beleidsopvattingen.
De memo betreft een voorstel voor een thematisch onderzoek naar grensoverschrijdend vermogen, inclusief selectiecriteria, aanpak en kosteninschatting. Het college stelde dat openbaarmaking de concurrentiepositie van een betrokken bedrijf zou schaden en dat beleidsinformatie geheim moest blijven.
De Raad heeft de memo zonder doorhalingen bestudeerd en concludeert dat de gegevens van belang zijn voor een zorgvuldige behandeling van de zaak, met name voor de toetsing aan het EVRM. De doorhalingen betreffen informatie die niet zodanig vertrouwelijk is dat beperking gerechtvaardigd is, mede omdat het project conform de memo is uitgevoerd en de gegevens ruim zes jaar oud zijn.
Daarom is de beperking van kennisneming niet gerechtvaardigd. Het college wordt verzocht binnen twee weken aan te geven of het instemt met voeging van de ongeschoonde memo in het dossier of deze retour wenst. Bij weigering kan de bestuursrechter daaruit zijn conclusies trekken.
Uitkomst: De gevraagde beperking van kennisneming van de memo is niet gerechtvaardigd en de memo wordt toegevoegd aan het dossier.