ECLI:NL:CRVB:2022:1759
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Verzoekster heeft een verzoek om herziening ingediend tegen een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 21 oktober 2021. De Raad heeft verzoekster meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €134,- binnen de gestelde termijnen. Ondanks herhaalde aanmaningen en de mogelijkheid tot het indienen van een beroep op betalingsonmacht, heeft verzoekster het griffierecht niet voldaan.
Verzoekster heeft wel een verzoek om uitstel van betaling gedaan, maar heeft niet binnen de gestelde termijn het formulier voor betalingsonmacht ingevuld en teruggestuurd. Hierdoor is het beroep op betalingsonmacht afgewezen. Vervolgens is een nieuwe nota gestuurd met opnieuw een betalingstermijn, die ook niet is nagekomen.
De Raad concludeert dat verzoekster in verzuim is en verklaart het verzoek om herziening niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door F.M. Rijnbeek, in aanwezigheid van griffier J.M. Labage, en uitgesproken op 3 augustus 2022.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.