ECLI:NL:CRVB:2022:125
Centrale Raad van Beroep
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep door CIZ
In deze bestuursrechtelijke procedure heeft het CIZ hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Overijssel. Betrokkene heeft een verweerschrift ingediend. Vervolgens heeft het CIZ het hoger beroep ingetrokken middels een brief van 12 augustus 2021. Namens betrokkene is verzocht om het CIZ te veroordelen in de proceskosten die betrokkene redelijkerwijs heeft moeten maken in verband met de behandeling van het hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek ter zitting achterwege gelaten en het onderzoek gesloten. Op grond van artikel 8:118, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan het bestuursorgaan bij intrekking van het hoger beroep op verzoek van een partij worden veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank had reeds een proceskostenveroordeling uitgesproken in de eerdere uitspraak.
De Raad heeft vervolgens de proceskosten die betrokkene redelijkerwijs heeft moeten maken beoordeeld en het CIZ veroordeeld tot betaling van €759,-, begroot conform het Besluit proceskosten bestuursrecht voor verleende rechtsbijstand. De uitspraak is gedaan door rechter E.J. Otten, in aanwezigheid van griffier K.R. van Renswoude, en uitgesproken op 20 januari 2022.
Uitkomst: Het CIZ wordt veroordeeld tot betaling van €759,- aan proceskosten aan betrokkene.