Appellant ontving bijstand en exploiteerde zonder melding een hennepkwekerij met 63 planten in zijn woning. Na ontdekking trok het college de bijstand in en vorderde het bedrag terug, legde een boete op en wees een aanvraag bijzondere bijstand af voor een waarborgsom.
De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond. In hoger beroep stelde appellant dat de hennepteelt voor eigen gebruik was en dat bijzondere omstandigheden bestonden voor bijzondere bijstand. De Raad oordeelde dat het aantal planten niet aannemelijk maakte dat het uitsluitend voor eigen gebruik was, waardoor appellant zijn inlichtingenplicht schond.
De boete werd gematigd van €1.230,- naar €655,03 vanwege een aangepaste beslagvrije voet van 95%. De aanvraag bijzondere bijstand werd afgewezen omdat de kosten van de waarborgsom als incidenteel en algemeen noodzakelijk worden beschouwd en de situatie voortkomt uit eigen keuze van appellant.
De Raad vernietigde het deel van de uitspraak over de boete, stelde de boete vast op €655,03 en veroordeelde het college in de proceskosten van appellant.