ECLI:NL:CRVB:2021:731
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens schending inlichtingenverplichting en onvoldoende financiële transparantie
Appellant diende op 23 november 2017 een aanvraag om bijstand in bij de gemeente Enschede. Het college verzocht appellant meerdere malen om aanvullende bankafschriften en bewijsstukken over stortingen en bijschrijvingen op zijn en de rekeningen van zijn partner. Ondanks deze verzoeken leverde appellant geen volledige en controleerbare gegevens.
Het college wees de aanvraag om bijstand af en vorderde verstrekte voorschotten terug, omdat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat hij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde. De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze besluiten ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat hij wel verklaringen had gegeven voor de extra stortingen, zoals de verkoop van een auto, terugbetaling van een lening en verkoop van spullen. De Raad oordeelde echter dat deze verklaringen niet controleerbaar waren en onvoldoende onderbouwd, waardoor appellant zijn inlichtingenverplichting had geschonden.
De Raad bevestigde daarom het oordeel van de rechtbank dat het college het recht op bijstand niet kon vaststellen en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt afgewezen wegens schending van de inlichtingenverplichting en onvoldoende financiële transparantie.