ECLI:NL:CRVB:2021:3348
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding ongegrond verklaard
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege het overschrijden van de beroepstermijn. De termijn voor het indienen van het hogerberoepschrift liep af op 2 maart 2020, terwijl het stuk pas op 6 januari 2021 bij de rechtbank werd ontvangen.
Appellante stelde in verzet dat zij door COVID-19 maatregelen en gezondheidsproblemen niet eerder hoger beroep kon instellen. De Raad oordeelde echter dat deze omstandigheden de termijnoverschrijding niet verschoonbaar maken, mede omdat de uitspraak van de rechtbank werd ontvangen voordat de COVID-19 maatregelen van kracht waren en appellante geen bewijsstukken overlegde.
Verder werd opgemerkt dat appellante een derde had kunnen inschakelen om haar post bij te houden, waardoor zij niet in verzuim zou zijn geweest. Omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die het verzet konden rechtvaardigen, werd het verzet ongegrond verklaard. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wordt ongegrond verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.