Uitspraak
20 642 PW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
.
,terwijl voor 65plussers een vrijlating van de financiële reserve geldt.
Centrale Raad van Beroep
Appellanten, die sinds 2006 bijstand ontvangen, vroegen bijzondere bijstand aan voor kosten van een kunstgebit, leesbrillen, beddengoed, een stofzuiger en een wasmachine. Het college kende alleen een renteloze lening toe voor het kunstgebit en wees de overige kosten af omdat deze incidentele kosten geacht worden te worden voldaan via reservering of gespreide betaling, tenzij bijzondere omstandigheden dit onmogelijk maken.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep handhaafde het college het standpunt dat de Zorgverzekeringswet een passende voorziening biedt voor medische kosten en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn voor de overige kosten. Appellanten voerden aan dat zij door ernstige financiële problemen en betalingsregelingen geen reserveringsruimte hebben, en dat de bronheffing van de zorgpremie extra kosten veroorzaakt.
De Raad oordeelde dat het ontbreken van reserveringsruimte door schulden geen bijzondere omstandigheid is en dat de extra kosten door bronheffing niet aan het college kunnen worden toegerekend. Het beroep op rechtsongelijkheid faalde omdat 65-plussers een ander minimabeleid hebben en appellanten individuele inkomenstoeslag ontvingen. De Raad bevestigde de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de afwijzing van bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen bevestigd.