ECLI:NL:CRVB:2021:3172
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep na gewijzigde beslissing UWV met proceskostenveroordeling
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant inzake een WIA-zaak. Het UWV nam op 23 december 2020 een gewijzigde beslissing op bezwaar, waarmee het volledig tegemoet kwam aan de bezwaren van appellant. Hierdoor trok appellant het hoger beroep in.
De Centrale Raad van Beroep liet het onderzoek ter zitting achterwege en sloot het onderzoek. Op verzoek van appellant veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten die appellant redelijkerwijs had moeten maken voor de rechtsbijstand in beroep en hoger beroep.
De proceskostenvergoeding werd begroot op in totaal € 2.244,-, bestaande uit € 1.496,- voor het beroep en € 748,- voor het hoger beroep. Vergoeding van griffierechten kan appellant rechtstreeks bij het UWV claimen. De uitspraak werd gedaan door F.M. Rijnbeek, in aanwezigheid van griffier H. Alajai, op 15 december 2021.
Uitkomst: Hoger beroep ingetrokken na gewijzigde beslissing UWV; UWV veroordeeld tot vergoeding proceskosten van € 2.244,-