ECLI:NL:CRVB:2021:2624
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering AIO-aanvulling wegens niet-melding buitenlands vermogen
Appellante ontving een AIO-aanvulling als aanvulling op haar pensioen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) voerde een onderzoek uit naar haar vermogen in Turkije, waarbij onroerende zaken werden vastgesteld die niet waren gemeld. Op basis hiervan trok de Svb het recht op AIO-aanvulling in en vorderde de betaalde bedragen terug, inclusief een boete wegens verwijtbare schending van de inlichtingenplicht.
Appellante stelde in hoger beroep dat het onderzoek discriminatoir was omdat niet in Nederland geboren AIO-gerechtigden anders werden behandeld dan in Nederland geboren gerechtigden. Zij baseerde dit op interne documenten van de Svb en een eerdere uitspraak van de Raad. De Svb betoogde dat voor beide groepen hetzelfde stappenplan geldt en dat het onderzoek gefaseerd en op basis van selectiecriteria verloopt.
De Raad oordeelde dat de stelling van appellante niet wordt ondersteund door de feiten en interne documenten. De Raad verwees naar een eerdere uitspraak waarin hetzelfde bezwaar werd afgewezen. Er is geen sprake van ongerechtvaardigd verschil in behandeling. Het hoger beroep faalt en de aangevallen uitspraken worden bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van de AIO-aanvulling en wijst het discriminatieverweer af.