Uitspraak
20 121 PW, 20/122 PW, 20/904 PW
23 december 2019, 18/6867 (aangevallen uitspraak)
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- vernietigt de aangevallen uitspraak;
- verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond.
Centrale Raad van Beroep
Betrokkenen ontvingen bijstand op grond van de Participatiewet en kregen een persoonsgebonden budget (pgb) toegekend voor hulp bij het huishouden. Het college stelde vast dat betrokkene 2 inkomsten ontving uit het pgb van betrokkene 1 zonder dit te melden, wat leidde tot herziening en terugvordering van bijstand over de periode 1 juli 2016 tot en met 31 mei 2018.
De rechtbank vernietigde de herziening en terugvordering over de periode tot 31 mei 2017 vanwege onduidelijkheden in het gespreksverslag en het vertrouwensbeginsel, maar handhaafde deze vanaf juni 2017. Het college stelde hoger beroep in tegen dit deel, terwijl betrokkenen incidenteel hoger beroep instelden tegen het latere deel.
De Raad oordeelt dat het verslag van 29 juni 2016 niet ziet op het recht op bijstand en dat eventuele onduidelijkheden niet rechtvaardigen dat herziening achterwege blijft. Ook de afspraak in mei 2017 om de situatie voorlopig ongewijzigd te laten, doet niet af aan de plicht om pgb-inkomsten op de bijstand in mindering te brengen.
De Raad vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep tegen het bestreden besluit ongegrond, waarmee de herziening en terugvordering van bijstand terecht zijn toegepast.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening en terugvordering van bijstand wegens pgb-inkomsten wordt ongegrond verklaard.