ECLI:NL:CRVB:2021:2372
Centrale Raad van Beroep
- Herziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening van niet-ontvankelijkverklaring bezwaar AOW
Verzoeker heeft bij de Centrale Raad van Beroep verzocht om herziening van de uitspraak van 26 maart 2020, waarin zijn bezwaar tegen een besluit van de Sociale verzekeringsbank niet-ontvankelijk werd verklaard wegens te late indiening.
De Raad overweegt dat herziening slechts mogelijk is op grond van feiten of omstandigheden die vóór de uitspraak hebben plaatsgevonden, bij verzoeker niet bekend waren en die, indien wel bekend geweest, tot een andere uitspraak hadden kunnen leiden. Verzoeker bracht naar voren dat hij in het verleden in Nederland heeft gewerkt en hiervan bewijs kan leveren, maar dit betreft geen nieuw feit of omstandigheid zoals bedoeld in artikel 8:119 Awb Pro.
De Raad benadrukt dat herziening niet bedoeld is voor een hernieuwde discussie over de zaak of de juistheid van de uitspraak. Omdat verzoeker geen nieuwe feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die de ontvankelijkheid van zijn bezwaar anders zouden doen beoordelen, wordt het verzoek om herziening afgewezen. Er worden geen proceskosten opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen wegens het ontbreken van nieuwe feiten of omstandigheden.