Uitspraak
18.3504 WIA
OVERWEGINGEN
.
BESLISSING
vernietigt de aangevallen uitspraak;
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam als planner, viel in 2006 uit wegens knieklachten en kreeg sindsdien diverse WIA-uitkeringen toegekend. Na een herbeoordeling stelde het UWV per 1 april 2016 vast dat appellant minder dan 35% arbeidsongeschikt was, waarop de uitkering werd beëindigd. Appellant maakte bezwaar en het UWV herstelde het besluit deels door een WGA-vervolguitkering van 55-65% toe te kennen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de verzekeringsartsen voldoende rekening hadden gehouden met de klachten en beperkingen. In hoger beroep stelde appellant dat zijn beperkingen, waaronder spierkrampen en een chronisch pijnsyndroom, onvoldoende waren meegewogen. De Raad benoemde een onafhankelijke neuroloog als deskundige die concludeerde dat appellant meer beperkingen had dan in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) waren opgenomen.
De verzekeringsarts bezwaar en beroep betwistte dit, maar de Raad volgde de deskundige vanwege diens zorgvuldige en consistente rapportage. De medische grondslag van het UWV-besluit werd daarmee onjuist geacht. De Raad vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat het UWV opnieuw moet beslissen met inachtneming van de deskundigenconclusies, waarna eventueel een nieuwe arbeidskundige beoordeling volgt.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het UWV dient opnieuw te beslissen met inachtneming van de deskundigenconclusies.