Uitspraak
19 1461 WIA, 19/1081 WIA
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
19.1461 WIA
19.1081 WIA
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraken;
- wijst de verzoeken om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellante, voormalig verpleegkundige en later applicatiebeheerder, betwistte de vaststelling van haar arbeidsongeschiktheid door het UWV op 3 augustus 2016 en 30 mei 2017. De rechtbank Limburg oordeelde dat de verzekeringsgeneeskundige onderzoeken zorgvuldig waren uitgevoerd en de mate van arbeidsongeschiktheid terecht was vastgesteld op respectievelijk 50,07% en 51,15%. Appellante voerde in hoger beroep aan dat de motivering van de uitspraken onvoldoende was en dat het beginsel van equality of arms was geschonden, mede op basis van een Zwitserse psychiatrische en neurologische expertise.
De Centrale Raad van Beroep volgde de rechtbank in haar oordeel dat de verzekeringsartsen het medisch dossier zorgvuldig hadden bestudeerd en dat er geen aanwijzingen waren dat medische informatie ontbrak. De door appellante overgelegde buitenlandse expertise en het expertiserapport van Ergatis gaven onvoldoende aanleiding om te twijfelen aan de medische beoordeling van het UWV. Ook werd geen reden gezien om een onafhankelijk deskundige te benoemen.
De Raad onderschreef de arbeidskundige beoordelingen en de selectie van passende functies. Omdat geen sprake was van volledige arbeidsongeschiktheid, werd niet ingegaan op de duurzaamheid van de beperkingen. De verzoeken om schadevergoeding en proceskosten werden afgewezen. De aangevallen uitspraken werden bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraken van de rechtbank en wijst de hoger beroepen en verzoeken om schadevergoeding af.