ECLI:NL:CRVB:2020:922
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vaststelling arbeidsongeschiktheid op 50,82% na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellante, voormalig haarstyliste, meldde zich ziek met rug- en nekklachten na een auto-ongeluk, later gevolgd door psychische klachten. Het UWV stelde op basis van een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige vast dat zij belastbaar is met beperkingen neergelegd in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) en berekende haar arbeidsongeschiktheid op 50,82%.
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV en stelde beroep in, stellende dat het medisch onderzoek niet zorgvuldig was en zij volledig arbeidsongeschikt is. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep geen eigen lichamelijk onderzoek hoefde te verrichten.
In hoger beroep herhaalde appellante haar standpunten en bracht aanvullende medische stukken in. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het UWV voldoende had gemotiveerd dat de geselecteerde functies medisch geschikt waren en dat de FML juist was vastgesteld. De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan de medische beoordeling en bevestigde de uitspraak van de rechtbank.
De Raad wees erop dat de medische informatie geen nieuwe inzichten bood die het oordeel konden wijzigen en dat de beperkingen op zitten en staan in de geselecteerde functies niet werden overschreden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de vaststelling van de arbeidsongeschiktheid op 50,82%.