Uitspraak
18 213 PW
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellante ontving vanaf april 2014 een AIO-aanvulling op haar ouderdomspensioen. Na het huwelijk met haar echtgenoot, die in augustus 2016 Nederland binnenkwam en later werd ingeschreven in de Basisregistratie Personen, vroeg zij een AIO-aanvulling naar gehuwdennorm aan. De SVB kende deze toe met ingang van 11 november 2016, de datum waarop het aanvraagformulier werd ontvangen.
Appellante stelde dat de AIO-aanvulling met ingang van 31 augustus 2016, de datum van binnenkomst echtgenoot, had moeten ingaan omdat zij direct melding had gemaakt. De Raad oordeelde dat geen bewijs was geleverd van een eerdere melding of aanvraag vóór 11 november 2016. De toezending van het aanvraagformulier door de SVB werd niet als melding beschouwd.
De Raad verwees naar vaste rechtspraak dat bijstand wordt toegekend vanaf de datum van melding of aanvraag. De eerdere uitspraak waarop appellante zich beriep, was niet vergelijkbaar omdat daar sprake was van een intrekking en een nieuwe aanvraag. Het hoger beroep werd afgewezen en het verzoek tot schadevergoeding werd eveneens geweigerd.
Uitkomst: De AIO-aanvulling wordt toegekend vanaf de datum van ontvangst van het aanvraagformulier, eerdere melding is niet aannemelijk gemaakt.