ECLI:NL:CRVB:2020:3535
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig ingediend beroepschrift
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Oost-Brabant. De termijn voor het indienen van het beroepschrift bedroeg zes weken en begon te lopen vanaf de dag na toezending van de uitspraak op 5 november 2019. De uiterste dag voor tijdige indiening was 17 december 2019.
Het beroepschrift werd ontvangen op 24 december 2019, maar was volgens de poststempel op 20 december 2019 ter post bezorgd, wat betekent dat het niet tijdig was ingediend. De gemachtigde van appellante voerde aan dat een griepaanval en een mislukte e-mailzending de reden waren voor de overschrijding.
De Raad oordeelde dat deze argumenten onvoldoende zijn om te concluderen dat appellante niet in verzuim was. Het risico van niet tijdige indiening ligt volledig bij de partij die het beroep instelt. Tijdig pro forma hoger beroep had dit kunnen voorkomen. Daarom is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere inhoudelijke behandeling.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 23 december 2020.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening van het beroepschrift.