ECLI:NL:CRVB:2020:3452
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van afwijzing WIA-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant, laatstelijk werkzaam als chauffeur/schoonmaker, meldde zich ziek na een ongeval met diverse klachten. Het UWV kende hem een loongerelateerde WGA-uitkering toe en later een vervolguitkering, die na bezwaar en beroep werd aangepast en beëindigd vanwege een lagere arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank oordeelde dat het medisch onderzoek door verzekeringsartsen en de rapporten van Psyon zorgvuldig en overtuigend waren, en dat de beperkingen in de Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) juist waren vastgesteld. Appellant voerde in hoger beroep aan dat onvoldoende rekening was gehouden met zijn klachten en dat Psyon niet onafhankelijk was, maar deze argumenten werden verworpen.
De Centrale Raad van Beroep volgde de rechtbank en stelde vast dat appellant geen medische gegevens had overgelegd die het medisch oordeel konden ondermijnen. Ook de door appellant gevraagde urenbeperking werd niet toegewezen vanwege het ontbreken van medische onderbouwing. De geselecteerde functies werden passend geacht en het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.