ECLI:NL:CRVB:2020:3373
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering AIO-aanvulling wegens niet-melding Turks pensioen
Appellanten ontvingen vanaf 1 juli 2006 een AIO-aanvulling naast hun ouderdomspensioen. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) voerde vanaf 2013 een onderzoek uit naar de rechtmatigheid van deze aanvulling. Uit onderzoek bleek dat appellant een pensioen uit Turkije ontving, maar appellanten hadden dit niet gemeld en verstrekten onvoldoende gegevens over de hoogte en ingangsdatum van dit pensioen.
De Svb schortte de AIO-aanvulling op en trok deze later in vanwege de schending van de inlichtingenverplichting. De rechtbank verklaarde het beroep van appellanten gegrond en vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat het bewijs over het pensioen los stond van onrechtmatig verkregen bewijs.
In hoger beroep voerden appellanten aan dat zij geen Turks pensioen ontvingen en dat de intrekking niet gegrond was. De Raad oordeelde dat uit een brief van het Turkse SGK bleek dat appellant sinds 1991 een pensioen ontving en dat appellanten onvoldoende gegevens hadden verstrekt om het recht op bijstand vast te stellen.
De Raad concludeerde dat de Svb terecht de AIO-aanvulling had ingetrokken en de kosten had teruggevorderd. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Een kostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van de AIO-aanvulling wegens niet-melding van het Turks pensioen wordt bevestigd.