ECLI:NL:CRVB:2020:3220
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens ontbreken hoofdverblijf op opgegeven adres
Appellante heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar aanvraag om bijstand door het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen. De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 23 januari 2019 bevestigd.
De Raad oordeelde dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij haar hoofdverblijf had op het opgegeven adres. De onderzoeksbevindingen van het college zijn niet weersproken en de door appellante aangevoerde psychische klachten zijn niet met medische gegevens onderbouwd. Ook de verklaring dat het ontbreken van kleding en toiletartikelen werd veroorzaakt doordat zij overdag bij familie verbleef, werd niet als voldoende bewijs geaccepteerd.
De Raad concludeerde dat het college terecht het standpunt heeft ingenomen dat het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt afgewezen omdat het hoofdverblijf van appellante op het opgegeven adres niet is aangetoond.