ECLI:NL:CRVB:2020:3207
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende medische gegevens rond achttiende jaar
Appellante heeft een aanvraag ingediend voor een Wajong-uitkering, die door het UWV is geweigerd wegens het ontbreken van voldoende objectiveerbare medische gegevens over haar arbeidsvermogen op de dag dat zij achttien werd. De rechtbank heeft dit besluit bevestigd, stellende dat er onvoldoende bewijs is dat appellante destijds duurzaam geen mogelijkheden tot arbeidsparticipatie had.
In hoger beroep heeft appellante medische stukken en actuele informatie van haar behandelaars overgelegd, maar deze bevatten geen gegevens uit de periode rond haar achttiende jaar die haar stellingen ondersteunen. De Raad stelt vast dat de medische problematiek complex is, met aanwijzingen voor ADHD en stemmingsstoornissen, maar dat deze gegevens gebaseerd zijn op recente verklaringen en niet op onderzoeksgegevens uit de relevante periode.
Een nieuwe beroepsgrond over toename van klachten na haar achttiende is te laat ingebracht en kan niet worden meegenomen. De Raad volgt het oordeel van de rechtbank en het UWV dat onvoldoende bewijs bestaat om de Wajong-uitkering toe te kennen. Het hoger beroep wordt daarom afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.