ECLI:NL:CRVB:2020:3170
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond wegens administratieve fout bij griffierechtbetaling in hoger beroep
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland, maar het griffierecht werd niet binnen de gestelde termijn geacht te zijn voldaan, waardoor het hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard. Appellante maakte hiertegen verzet.
In het verzet bleek dat appellante het griffierecht op 2 april 2020 daadwerkelijk had voldaan. Door een administratieve fout werd dit griffierecht op 7 april 2020 onterecht teruggestort naar appellante. Hierdoor was appellante niet in verzuim.
De Centrale Raad van Beroep verklaarde het verzet gegrond, vernietigde de eerdere niet-ontvankelijkheidsverklaring en besloot het onderzoek voort te zetten zoals het was. Tevens wordt appellante een nieuwe termijn gegund om het griffierecht alsnog te voldoen. Een proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en appellante krijgt een nieuwe termijn voor betaling van het griffierecht.